Veel verschillende soorten ara’s hebben we al gezien in het wild, maar die ene ontbreekt nog op ons lijstje.... de hyacinth-ara (u weet wel: die blauwe papegaai uit de film Rio). En om die prachtige vogel te zien moeten we helemaal naar de Pantanal in Brazilië. Eerdere uitstekende ervaringen met Sapa Pana Travel doen ons besluiten om hen opnieuw te vragen een mooie reis voor ons uit te stippelen. Want als we toch naar Brazilië gaan, dan zien we graag nog meer moois. Liefst in een zo kort mogelijk tijdsbestek, want de kinderen blijven bij opa en oma thuis.

  • © Berends - Beerepoot
    © Berends - Beerepoot

  • © Berends - Beerepoot
    © Berends - Beerepoot

  • © Berends - Beerepoot
    © Berends - Beerepoot

  • © Berends - Beerepoot
    © Berends - Beerepoot

  • © Berends - Beerepoot
    © Berends - Beerepoot

  • © Berends - Beerepoot
    © Berends - Beerepoot

  • © Berends - Beerepoot
    © Berends - Beerepoot

We beginnen de reis in Rio en slapen in hotel Mama Ruisa in de wijk Santa Teresa. Wat een fijne plek en wat worden we verwend. Een geweldig uitzicht over de stad, mooie kunst aan de muur en design in de kamers. Santa Teresa is een oase van groen in een miljoenenstad en al voor het ontbijt spotten we de eerste toekans en papegaaitjes. De dame van de receptie geeft prima tips over waar naar toe te gaan, belt taxi’s en regelt sfeervolle restaurantjes. Laat u zich niet bang maken door alle negatieve verhalen over de criminaliteit in Rio. De stad is uitstekend te bezoeken zonder gids en de sfeer is vrolijk en ontspannen.

Maar we moeten weer verder, want ons reisdoel ligt in de Pantanal. Na een paar binnenlandse vluchten worden we door de gids van Araras Ecolodge opgewacht op het vliegveld in Cuiaba. Hij zal onze gids zijn voor de komende vijf dagen. Er sluiten geen andere mensen aan, dus wij hebben een privé gids voor onszelf. En nog wel één met een enorme kennis van vogels én daar zijn er nogal wat van in de Pantanal. Toch niet geheel groen op vogelgebied spotten we uiteindelijk ruim honderd soorten (!) die we nog niet eerder hebben gezien. Wat een feest! Waar mijn man een echte vogelaar is, zijn bij mij toch de zoogdieren favoriet en óók ik word niet teleurgesteld; Capibara’s, aapjes, coati’s, agouti’s, cavia’s, tapirs, otters, miereneters. En dan natuurlijk de duizenden kaaimannen; wat zijn ze fotogeniek en totaal niet eng. Ze eten vooral vis en worden pas lastig als je op ze gaat staan. De hyacinth-ara zien we volop. In het wild, maar ook in de lodge, want daar leeft Blu, de huis-ara. Hij maakte deel uit van een programma om gevangen vogels weer terug te zetten in het wild, maar weigert te vertrekken. Zoals onze gids zei: “ik denk niet dat Blu weet dat hij een blauwe ara is”. Andere hoogtepunten van onze dagen in de Pantanal zijn ongetwijfeld de vondst van twee anaconda’s. Zelfs voor de meest doorgewinterde gids nog bijzonder, want ze worden hooguit twee keer per jaar gespot.

Op de laatste volle dag gaan we op zoek naar de jaguar. Daarvoor moeten we nog dieper de Pantanal in. Eerst een uur of twee met de auto en dan op een bootje de rivier afzoeken. Na zeven uur zoeken, als we de moed al beginnen te verliezen, krijgen we eindelijk over de radio een seintje dat er een gesignaleerd is op een minuut of twintig varen. Een vrouwtje dat druk aan het jagen is langs de rivieroever. We zien hoe ze capibara’s besluipt vanuit het lange gras, maar stiekem ben ik een beetje opgelucht dat de capibara’s de jaguar telkens op tijd door hebben. Een vol uur kunnen we haar volgen langs de oever. Wat een machtig beest. Veel groter dan haar neef, het Afrikaanse luipaard. Voldaan keren we huiswaarts, naar de lodge. De Araras Ecolodge is een prachtige plek en een uitstekende keuze van Petra, onze adviseur. Fijne kamers (met airco), lieve mensen en heerlijk eten. En bovenal een prachtige omgeving. De meeste dieren spotten we gewoon op het terrein van de lodge. Rustig zittend op het terras trekt het wildlife aan je voorbij.

Als kers op de taart vliegen we nog door naar Iguaçu. De watervallen op de grens met Argentinië. We komen ’s nachts aan en als we de volgende ochtend wakker worden is het bewolkt. We lopen snel naar de watervallen en vinden ze mooi en indrukwekkend, maar zijn niet zo lyrisch als we in de boekjes hebben gelezen. In de loop van de ochtend komt onze gids ons ophalen voor een tochtje naar de Argentijnse kant van de watervallen. Onderweg stopt hij nog even bij een enorme tax-free shop, zodat we een shirt van het Braziliaanse elftal kunnen aanschaffen voor het thuisfront. Als we goed en wel aangekomen zijn bij de watervallen breekt de zon door en ontstaat een adembenemend schouwspel. Overal regenbogen en schitteringen. Misschien wel één van de mooiste dingen die we ooit hebben gezien. We zijn haast een beetje ontroerd... We hebben een leuk gesprek met de gids over de zon die alles zoveel mooier maakt en verwijzen naar het oerhollandse spreekwoord: Voor niets gaat de zon op. Hij vertelt dat de mensen in Brazilië daar iets anders naar kijken. Die zeggen: “A nice day for nice people”. Nou daar kunnen we ons volledig in vinden. De volgende ochtend komt hij ons opnieuw ophalen, deze keer vroeg, zodat we de Braziliaanse kant goed kunnen bekijken voordat we weer naar huis vliegen. Ons hotel staat in het nationale park, zodat we voor de grote meute uit kunnen genieten van al dat prachtigs. Op de boardwalk, waar een uur later alweer duizenden mensen zullen lopen genieten we met zijn tweetjes nog één keer van het natuurgeweld en de regenbogen. En dan op weg naar huis, met een hoofd vol mooie ervaringen en een geheugenkaart vol prachtige foto’s.

Hartelijke groet van Wim en Sandra Berends

Wij maken gebruik van cookies. Bezoekt u onze website, dan gaat u hiermee akkoord. Verberg